DoesburgIJssel

DoesburgIJssel

Variant 2 – DSG 2: 3 – 3

Echt mee zat het ons tweede team niet;
Jan zat op de speelavond in Rotterdam te kijken naar het slechtste toneelstuk dat ie de laatste jaren gezien had, Fons zat in Spanje en Frank v.d. R. in Tibet. Zo kon het gebeuren dat ons tweede de wedstrijd met een 1 – 0 achterstand begon. En dat terwijl het ook in de tweede ronde weer tegen een jeugdteam uitkwam en u weet allen hoe dat is met die schakende jeugd van tegenwoordig: geen enkel respect voor de oudere medemens.

Ben trof het wat dat betreft het slechtst. Tegenover hem zat een opgeschoten kind de hele partij knarsend en knisperend chips te eten. Of dat Ben uit zijn concentratie bracht is niet zeker, maar het inspireerde hem niet. Bovendien ging de jongeman er vanaf het begin agressief tegen aan, zodat Ben niet echt lekker in zijn spel kwam. Afruilen leek hem het beste en al ruilend veroverde hij zowaar een pionnetje. Zo kwam er een eindspel op het bord met voor beiden een Dame, twee Torens, een Loper + drie pionnen voor Ben en twee voor zijn tegenstander. Toen sloeg bij Ben de twijfel toe. Hij kon met zijn Dame een tweede pion winnen, maar de vraag was of de Dame dan op tijd terug zou zijn ter verdediging van zijn onder vuur liggende Koningsstelling. Ben koos voor de pion en zijn Dame kwam te laat.

Bij Emile kwam een Siciliaan op het bord. Zoals dat hoort was al snel de vraag: “ Wie kiest als eerste de aanval.” Dat was wit die eerst een Paard offerde en daarna voortvarend, maar niet geheel doordacht, met een Toren en zijn Dame de Koningsstelling van Emile probeerde op te rollen. Daarbij kwam hij van een koude kermis thuis. Dame en Toren werden ingesloten en met een sublieme Paardzet wist Emile een kwaliteit te winnen ( Paard tegen Toren). Hoe dit alles nu precies in zijn werk ging is me ontgaan, maar op uiteindelijk was de buit een Toren tegen een pion. Daarna ging de tegenstander van Emile door zijn vlag.

De tegenstander van Joop beantwoordde zijn d4 met f5 en Emile, niet alleen onze tweede bordspeler maar tevens bekend als de schaaktheoreticus van Didam en omstreken, wist te vertellen dat joop nu de Stonewall van het Hollands op het bord had. Daar keek Joop van op.
Die dacht dat zwart wat actiever uit de opening was gekomen, maar latere analyse met Fritz leerde hem dat dit slechts schijn was. Wit was de hele partij in het voordeel en dat resulteerde op de 19de zet van wit in pionwinst op de Koningsvleugel. Daar stond Joop vanaf dat moment dan ook erg actief. Op de 34ste zet moest zwart zelfs een loper offeren om voor zichzelf ruimte te maken. Maar toen was het hek van de dam…Zwart stond verloren. Alleen één groot probleem doemde op. Joop kwam in grote tijdnood. Zijn voorstel om remise overeen te komen, werd door Bram met een stellig “nee!” beantwoord. Dat was zeer begrijpelijk, want het stond toen 3 – 2 voor ons en met een remise hadden zij verloren. Bram ging dus voor de klok. Dat lukte hem.

De tegenstander van Steffen startte enorm aanvallend. Door af te ruilen kwam zijn Dame in het centrum met daarbij ook nog een pion op e6., die de ontwikkeling van Steffen ernstig blokkeerde. De druk nam nog toe, maar dankzij een vork kon Steffen Brams Dame bemachtigen.Maar wit stond positioneel sterker, waardoor hij Toren en een Paard kon slaan.
Via de open g-lijn kon Steffen echter met een Toren schaak geven en met deze ondersteuning deelde de Dame de genadeklap uit: mat.

Albert speelde tegen een jongen die duidelijk nog wat ervaring tekort kwam. Al gauw kon Albert met een Paard de pion op f7 slaan en vervolgens de Toren op h8. Daarna gaf zijn jeugdige vriend nog een pion weg, waarna hij ging afruilen. Albert vond dat een prima strategie en ging er enthousiast in mee. Al gauw kon hij hem met behulp van twee Torens mat zetten. Het was toen 20.30 uur.

Variant 2 j 1101 -Doesborgh 2 1453 3-3

1.Daan Stinissen 955 -Ben Lievers 1564 1-0
2.Jerry Tijssen 1049 -Emile Okel 1464 0-1
3.Bram Arends 1315 -Joop Crooy 1378 1-0
4.R. Neijenhuis 1084 -Steffen Brouwer1456 0-1
5.Siebe Visser -A.J. Lebbink 1402 0-1
6.Jeroen Hofs -NO 1-0 Regl.

Klasse 4C Mp Bp 1 2 3 4 5 6 7 8
1 .ASV 11 3 6½ x . . 3 . 3.5 . .
2. De Toren 11 j 3 6½ . x 3 . . . . 3.5
3. Doesborgh 2 2 6 . 3 x 3 . . . .
4. Variant 2 j * 2 5 3 . 3 x . . . .
5. Zevenaar 4 2 6 . . . . x . 2.5 3.5
6. Rheden 2 6 2.5 . . . . x 3.5 .
7. Schaakstad 8 2 6 . . . . 3.52.5 x .
8. Theothorne 2 0 5 . 2.5. . 2.5 . . x
* = 1 bordpunt in mindering

DSG1 verplettert Zevenaar 3 : 5½ -½

Op de website van Zevenaar las ik dat de teamleider van Zevenaar3 met bange voorgevoelens naar Doesburg was gekomen. En gelijk kreeg hij.

Robbie, onze teamleider, zette de toon. Tijdens een enerverende opening ging zijn tegenstander voortvarend van start. Toen die na anderhalf uur een pionzetje over het hoofd zag, kostte hem dit een stuk. Nadat de Dames waren afgeruild en Robbie ook nog de kwaliteit
won, gaf zijn tegenstander op. Een mooi punt voor Robbie, een bittere pil voor zijn tegenstander, die zijn laatste 9 partijen van dit seizoen nog niet verloren had.

Aan het eerste bord hadden wij Eric. Daar begon het met een Dame-Indiër, maar al snel werd de theorie verlaten. Eric ging nogal optimistisch loos op de Koninsvleugel met h6, g5 en f5.
Toen deed zijn tegenstander een verkeerde breekzet, waardoor Eric een open g-lijn voor zijn zware stukken kreeg. In plaats van tegenspel te zoeken, ging zijn tegenstander zwaar in de touwen hangen en probeerde met al zijn stukken zijn Koning te verdedigen. Een foutje versnelde het onvermijdelijke einde.

Chiel begon zoals gewoonlijk met d4, Lf4 en Pf3 en kwam goed uit de opening. Met een subtiele Paardzet wist zijn tegenstander echter Chiels kwade bedoelingen te ontkrachten.
Vanaf de 40ste zet kon Chiel oprukken op de Koningsvleugel en langzaam aan veroverde hij wat pionnen. Na een afruil van Paard tegen Loper, hield Chiel een indrukwekkende pionnenreeks over. Promotie was onvermijdelijk en zijn tegenstander gaf op. Terecht verzuchtte Chiel: “Eindelijk weer eens een goeie wedstrijd gespeeld.

De tegenstander van Patrick gaf na afloop te kennen dat hij het idee had dat hij de hele partij
geen spel had gekregen. Patrick kon van harte beamen. Met een tegengestelde rokade probeerde de tegenstander nog wat spel te krijgen, maar in plaats van op de rokade van Patrick te spelen, ging hij de verdediging in. Een verzwakkende pionzet direct na de rokade was volgens Patrick al doorslaggevend. Patrick kon een open a-lijn forceren en verdubbelde zijn torens. Een verrassende Paardzet daarna was de genadeklap. Slaan betekende mat, niet slaan zou binnen vijf zetten tot Dameverlies hebben geleid. Opgave zwart.

Ook René maakte korte metten met zijn tegenstander. Zijn tegenstander, die door zijn teamgenoten met de bijnaam “ de mol” werd aangeduid , had zich diep ingegraven en speelde voornamelijk met zijn Paarden. Dat leidde tot niks en René ging met een pion
Richting vijandelijk Koning. Dit bleek echter een verraderlijke schijnmanoeuvre, want even later drukte René met zijn a-pion door.

De spannendste en langste partij van de avond was die van Paul. Zoals dat bij Paul gebruikelijk is, stond al na een zet of twaalf het bord in vuur en vlam. Paul was al furieus ten aanval getrokken, zijn tegenstander counterde met een brutale opstoot in het centrum. De uitkomst van dit gevecht was een eindspel waarbij Paul een Loper en een pion had, zijn tegenstander drie pionnen. Dit bleek door geen van beide te winnen te zijn.

Jan R.

DSG 1 1697 - Zevenaar 3 1574

1 Eric Langedijk 1865 - Marcel Kaal 1633 1-0
2. Patrick van Waardenburg 1718 - Willy Veldkamp 1579 1-0
3. Robbie Gerhardus 1804 - Hans Corbeel 1550 1-0
4. Paul Delleman 1623 - Johan Meulman 1563 1/2-1/2
5. René Smeenk - Theo Putman 1574 1-0
6. Chiel Verhagen 1477 - Paul Schröder 1544 1-0