DoesburgIJssel

DoesburgIJssel

OSBO laatste ronde

Tweede team eindigt met nipte nederlaag.


De laatste ronde moesten we tegen Rokade 2, dat met 5 man kwam aanzetten. Dat was dus een meevaller. Een tegenvaller was dat de vijandelijke teamleider had besloten dat er aan het eerste bord niet werd gespeeld, hoewel hun reguliere eerste bordspeler wel aanwezig was. En zo kun je van een verzwakking dus een versterking maken.
Ik blijf het dan ook een raadsel vinden dat er niet een artikel is dat de optelling van incomplete teams regelt. Uit deze inleiding blijkt al wel dat we het niet makkelijk hadden.
Albert kwam, als ik het mij goed herinner, een stuk of een kwaliteit achter, maar omdat de stelling van zijn tegenstander nogal wat gaten vertoonde en als los zand aan elkaar hing, slaagde hij er in materiaal terug te winnen en remise uit het vuur te slepen.
Steffen ging met wit meteen op f7 af, sloeg daar in en dwong de zwarte Koning naar voren. Zijn tegenstander raakte hier niet van onder de indruk, liet de boel de boel en sloopte Steffen zijn koningstelling. Dat leverde hem materiaalwinst op en de partij.
Fred had het aan bord 3 niet makkelijk. Met zijn Koning op de plaats van de beginopstelling, moest hij voortdurend op zijn hoede zijn voor dreigende offers. Maar hij verdedigde zich kundig en wist de stelling gesloten te houden. Toen de gevaren geweken waren, wist Fred de b-lijn te openen, maar toen verdedigde zijn tegenstander zich kundig. Een verdiende en terechte remise dus.
Emile gaf zonder diepere bedoelingen een stuk weg en zag dat niet meer terug. Hij belandde in een eindspel waarbij hij twee pionnen en een Dame had, zijn tegenstander twee pionnen, een Dame en een Paard. Dit eindspel wist Emile op sluwe en ook wel geestige wijze remise te houden. Dat kwam zo.
De zwarte pionnen stonden op g6 en h6. Daarachter stonden de Koning op h6 en het Paard op g6. Emile had zijn Dame op f6 of e6. Het Paard was dus gepend. Ging de Koning naar achteren, dan kreeg hij schaak en moest weer terug. De vijandelijke Dame stond zo dat ze niets aan de verdediging kon bijdragen en alleen eeuwig schaak kon schaak geven. Geestig dus.
Ben kwam al snel in de verdrukking. Zijn Damevleugel werd lamgelegd en er dreigde voortdurend materiaalverlies op de Koningsvleugel. Na veel gepieker, geprakkizeer en geploeter wist hij zich van de druk te bevrijden en het eindspel waarin hij was terechtgekomen leek remise te beloven. Waarschijnlijk in euforie over zijn wonderbaarlijke ontsnapping wilde hij meer en trok op de Koningsvleugel met zijn pionnen daar ten aanval. Die aanval werd afgeslagen en daarna kon zijn tegenstander via de nu open liggende Koningsvleugel binnendringen. Jammer!
En zo verloren we nipt: 3½ - 2½.

Eerste team strandt in het zicht van de haven.


Het zag er zo veelbelovend uit. Met nog een ronde te gaan 1½ punt voor op naaste concurrent Lochem. Nog even die kinderen van Pallas verpulveren en het kampioenschap was binnen en kon er volgend seizoen in de tweede klasse worden gespeeld. Helaas liep het iets anders. Lochem deed het maximale van hetgeen men moest doen en verpulverde De Schaakmaat 3 met 6 – 0. Wij verpulverden niet. Paul en Fred wonnen, maar Patrick speelde remise en Robbie, Chiel en Steffen verloren.

Uitslag derhalve 3½ - 2½ in het voordeel van Pallas.

Klasse 3E             Mp  Bp


1. Lochem             12  29
2. Pallas 5 j         11  24½
3. Doesborgh          10  27
4. Ons Genoegen       8   22
5. Eerbeek            5   20
6. Schaakstad 7       4   16
7. De Schaakmaat 3    4   14½
8. Twello 2           2   15

Patrick rapidkampioen 2011/2012

Op de maandagavonden van de 26ste maart en de 2de april speelden we om het rapidkampioenschap. De eerste avond joegen we er in straf tempo vijf ronden door. Hoewel 20 min. p.p.p.p. toch een tempo is waardoor je je niet opgejaagd hoeft te voelen, werd er de eerste ronden zo hier en daar in flitsend tempo geopend. Zo bleven links en rechts stukken ongedekt instaan, werden Dames en Torens weggegeven en een betere stelling betekende absoluut geen garantie voor het binnenhalen van de winst. Maar allengs wendde men aan het tempo. De partijen duurden langer, het spelpeil steeg en je kon zelfs partijen zien waarin rapid net echt schaak leek.

De meeste uitslagen van de 20 gespeelde potten waren niet echt schokkend, maar een paar sprongen er toch wel uit. Zo won Fred in de vierde ronde van Paul en Albert van Robbie, in de vijfde zette Jan Robbie mat. De verrassing van de avond was echter Fons. Wat ie zo’n half jaar doet in Spanje , daarover hoor je hem niet, maar vermoedelijk zit ie daar ’s middags in een schaaktrainingskamp en doet ie ’s ochtends aan yoga en andere concentratieoefeningen. Onbewogen zat hij achter het bord, zelfverzekerd voerde hij zijn zetten uit en Albert, Jan en Paul waren er het slachtoffer van. Alleen Robbie en Patrick waren hem de baas.

Aan het eind van de eerste avond was de strijd om het kampioenschap eigenlijk al beslist. Patrick stond met 5 uit 5 bovenaan en had twee punten voorsprong op zijn naaste concurrenten.

De tweede avond nam Chiel de plaats in van Jan en hij deed dat met verve: winst tegen Albert, remise tegen Patrick . Dat ie de Beinumse derby tegen Paul verloor zij hem vergeven. Patrick won in de zesde ronde van Robbie , er moesten dus rare dingen gebeuren wilde Patrick het kampioenschap ontgaan. Die gebeurden er niet, dus hij werd het. Met 7½ uit 8. Een fraaie score. Een kampioen waardig. Gefeliciteerd, Patrick.

Eindstand:

1         Patrick                           7½ uit 8
2 t/m 6   Robbie, Paul, Emile, Fred, Fons   4  uit 8
7         Jan/Chiel                         3½ uit 8
8.        Albert                            3  uit 8
9.        Joop                              2  uit 8