Skyline

Skyline

Snelschaakkampioenschap 2022-2023

Snelschaak - 10 min.p.p.p.p.


Voor de uitslagen ga naar:

Interne competitie - Verslag snelschaak

of KLIK HIER

USV 2 (1630) – DSG (1645) : 2½ - 3½

Verheugend was het feit dat Patrick weer van de partij was, want zie, dat maakte meteen het verschil: in plaats van, zoals de laatste wedstrijden gebruikelijk was, met 2½ - 3½ te verliezen, wonnen wij nu met deze cijfers. Dat ging zo.

Patrick (1751) trof aan bord 1, vanwege een tactische opstelling van de tegenpartij, (1552) en wist daar wel raad mee. Al in de opening won hij een paar tempo’s, wat later een stuk en daarna al snel de partij.

Chiel (1477) had aan bord 4 geen fijne avond. ‘Ik kwam nog wel redelijk uit de opening, maar daarna bleek mijn tegenstander (1609) tactisch te sterk en kwam ik er niet meert aan te pas. Hij kwam steeds beter te staan en haalde steeds meer materiaal op.

Ook Jaap (1707) aan bord 3 wist zich wel fijnere avonden te herinneren. Zijn 1.f4 werd  door (1689) beantwoord met e5, waarna Jaap meteen uit zijn repertoire was. Ook in het verdere verloop van de partij bleek (1689) van wanten te weten en liet hij zien wat het risico is van een aanval over beide flanken: dat je tegenstander door het centrum heen snijdt. Dat deed ie zeer gewiekst en zo stonden we halverwege met 2 – 1 achter. Dat was niet de bedoeling. Gelukkig bleken we aan bord 5 over een geheim wapen te beschikken, nl.:

Albert (1398): Ik opende met e4 en mijn tegenstander (1573) reageerde met de Franse verdediging.Ik ging iets te snel naar voren op de damevleugel en kwam op mijn koningsvleugel erg gedrongen te staan met veel stukken op een klein stukje speelveld. Stockfisch gaf mijn tegenstander steeds een behoorlijke plus.Gelukkig miste hij enkele goede vervolgzetten en kon ik via een loperaanval op zijn stelling, waarop hij vreemd reageerde, een Loper slaan met mijn Dame.Dat was het keerpunt in de partij.Ik had belang bij het afruilen van stukken en hij ging daarin mee, zodat ik uiteindelijk met 2 pionnen méér het eindspel inging. Dat was te veel voor hem en toen er een matdreiging volgde, die hij niet meer kon opheffen zonder verlies van zijn Toren, gaf hij op.

Jan (1423): Mijn tegenstander (1528) opende met 1.Pf3. Normaal beantwoord ik dat met Pf6, maar omdat dat bij mij altijd tot vervelende friemelpartijen leidt, koos ik voor 1…, d5. Algauw bleek dit ook nergens toe te leiden: geen aanknopingspunten, geen plan, noch bij mij, noch bij mijn tegenstander. Omdat Frank desgevraagd aangaf dat ie zou gaan winnen, had ik aan remise voldoende voor onze overwinning.Dat werd het toen wij drie keer dezelfde stelling op het bord kregen.

Frank (2112) bleek terecht achter bord 2 te zijn geplaatst, want daar kon hij het opnemen tegen hun sterkste man: (1829). Vanuit een Siciliaan bouwde Frank in alle rust een gedegen stelling op en voerde  geleidelijk de druk op. Dat leidde tot een eindspel waarin hij het zich kon permitteren stuk winst te versmaden, omdat hij, ook weer in alle rust, de twee pionnen kon opruimen die hem verhinderde met een vrijpion naar zijn promotieveld door te lopen.

Voor de stand KLIK HIER

De Agenda

De voorspellingen voor wat er ons het komende jaar te wachten staat, zijn niet onverdeeld gunstig. Gelukkig is daar het programma voor de tweede helft van dit schaakseizoen, dat zekerheid en het vooruitzicht op zo’n twintig genoeglijke speelavonden biedt. 

Kijk maar, klik maar.

Seven-to-seven.

De Toren (1127) – DSG (1058): 3½ - 3½


Afgelopen maandag (19/12/2022) trokken we met z’n zevenen naar Arnhem om daar op plezierige wijze het schaakjaar af te ronden en iets op te bouwen wat misschien een traditie kan worden. De bedoeling was weliswaar dat we er met tien man naartoe zouden gaan, maar dat zat er helaas niet in. 
De zaterdag voor de bewuste datum leek het er nog op dat ik negen medestrijders had gevonden, maar zowel op zondag als op maandagmorgen meldde er één zich af, zodat ik ‘s middags bij het boodschappen doen bij AH mezelf erop betrapte dat ik het foute aftelkinderliedje van de tien kleine negertjes liep te neuriën tot ik bij zeven was en niet verder durfde gaan. Maar de zeven die overbleven wisten waar ze voor stonden: de eer van Doesburg, de trots van de één na oudste club van Nederland. Vastberaden namen ze dan ook plaats achter de borden. Ze zouden nog raar opkijken, die mannen van De Toren. Hoe het in werkelijkheid ging, lees je hier. (Of ga naar Evenementen - Evenementen en activiteiten)

Ik: kampioen van periode 1 - seizoen 22/23

Deze eerste periode van het seizoen 2022/2023 was een wat rommelige periode. Wat daaraan vooral opvalt, is dat ieder van de leden van het trio waaruit normaliter de periodekampioenen voortkomen eigen redenen had om veel clubavonden niet aanwezig te zijn. Vooral tegen het einde van de periode maakte dat het indelen er niet makkelijker op. En zoals dat gaat als de katten van huis zijn: de muizen vierden feest.

Dat doet overigens niets af aan de prestaties van Albert en Maksym, die respectievelijk als derde en als vijfde eindigde, en ook niet aan die van Erik, die zijn rentrée vierde met een winst van 28 ratingpunten en daarmee de grootste stijger werd.

Dat ik periodekampioen geworden ben, heb ik dan ook vooral te danken aan degenen die meestal afwezig waren, niet aan mijn eigen spel. Teveel partijen met winstkansen liet ik in remise uitmonden, een potremisepartij wist ik te verknallen. Er is dan ook nog nooit iemand  periodekampioen geworden die zo’n laag percentage haalde en zo weinig punten bij elkaar wist te sprokkelen als ik: 114,7 punten, 64%. Wat me trouwens ook geen windeieren opleverde, waren de punten die mij toevielen als waardering voor mijn trouwe opkomst bij SOS-wedstrijden.

En zo werd ik dus, met moed, beleid en trouw, kampioen, weliswaar van de middelmaat, maar toch, kampioen.

Ik feliciteer mijzelf dus van harte.

Jan

DSG 1 – De Toren 1: 2 – 4


Dit keer waren Frank en Robbie wel van de partij, maar Patrick en Fred niet; je kunt wel dromen van de ideale opstelling, maar tussen droom en werkelijkheid 
staan bijna altijd obstakeltjes die van de droom een nachtmerrie maken. Omdat ik had geconstateerd dat de mannen uit Arnhem meestal in een tactische opstelling verschijnen, had ik daar ook maar voor gekozen. Toen voor aanvang van de wedstrijd de opstellingen werden uitgewisseld, leek het erop dat ik goed had gegokt, maar de praktijk pakte anders uit. Dat kwam zo:

Chiel (1469) slaagde er niet in zijn huzarenstukje van de vorige wedstrijd – bijna winst tegen 1851- te herhalen. Dit keer moest hij het met Zwart opnemen tegen (1814) die met frisse moed van start ging. Chiel verdedigde zich taai, vond zelf dat het wel goed ging, maar rond de dertigste zet werd zijn ruimtegebrek hem noodlottig. (1814) had een combinatie met Loper, Paard en Dame die hem niet alleen een Paard zou kosten, maar ook mat onafwendbaar maakte.

Jaap (1694) had zijn avond niet. Hij opende zoals gebruikelijk met f4, maar al bij de vierde zet van Zwart moest hij constateren dat zijn tegenstander (0) wist waar het bij deze opening om draait. Hij, (0) dus), bouwde een stevige stelling op en maakte en passant twee pionnen buit. Daar bleek geen kruid tegen gewassen en na drie zeges op rij vond Jaap hier zijn Waterloo.

Robbie (1750) wist met Wit via een zeer fraaie combinatie, een torenoffer waarop zijn tegenstander (1564) terecht niet inging, een pion te winnen en kreeg een mooie stelling. Toen deed ie een domme zet, waardoor hij zijn pion weer kon inleveren. Dat zou nog niet zo’n ramp zijn geweest – de stelling zag er nu remise-achtig uit – als Robbie een paar zetten later niet de rampzaligste zet uit zijn 40jarig schakersleven had gedaan: terwijl (1564) een Dame op a5 had staan, gaf hij met zíjn Dame schaak op c7!!  Dame weg, partij weg, Robbie weg.

Frank (2111) mocht met Zwart de strijd aanbinden tegen (2080). Het werd een Open Siciliaan waarin (2080) al snel g3 speelde en Frank meteen uit het boek was.

 (2080) trok snel van leer, rukte op met g4,g5,, f4, f5 en f6, deed nog een Paard in de aanbieding, maar daarop ging Frank wijselijk niet in. Naarstig ging hij op zoek naar tegenspel, maar veel verder dan verdedigen kwam hij niet. Uiteindelijk wist hij aan de druk te ontkomen en kreeg hij een beetje tegenspel, maar een jofele stelling was het niet. Toen zijn tegenstander remise aanbood, kon Frank dat niet weigeren.

Albert (1391) trof met Wit René Reulink  (1339) en deelt ons mede: Met wit kon ik mijn favoriete Italiaanse opening spelen. Het ging niet helemaal naar wens, hoewel ik een behoorlijke dreiging op de F-lijn had. Op zet 26 ging ik iets te vlug in de aanval en op de  32e  zet moest ik een toren  voor een loper opgeven. Ik kreeg even later wel 2 vrijpionnen op de C-  en de D-lijn, die bijna tot de achterste lijn kwamen.   Maar het leverde me enkel  een toren voor een loper op.Ik stond nog steeds wel  met 2 pionnen achter  (4 tegen 6 pionnen).   Ik kon de torens afruilen en met een paard tegen een loper bleek toch de kracht van een paard tegen een  loper, die mijn pionnen op zwart niet kon aanvallen. Ik kon al zijn pionnen en zelfs de loper opruimen en had uiteindelijk nog een paard en een pion, die zou gaan promoveren.

 Jan (1424): e4 beantwoordde ik met het Scandinavisch, maar dat leverde me weinig voordeel op; mijn tegenstander (1425) doorzag mijn plannetjes en ik de zijne. Zo ging het gelijk op en was het pot remise. Maar met mijn 39ste zet speelde ik, om wat pionnen op te ruimen op mijn Koningsvleugel, een verkeerde pion op en dat had fataal kunnen aflopen als (1425) met de goeie pion had ingeslagen, maar gelukkig koos  hij de verkeerde. Nu eindigde de strijd in een wederzijdse pionnenrace, waarbij ik net één zet eerder was. Dat gaf mij de mogelijkheid zijn laatste pion te slaan, waarna ik ook nog de Dames kon ruilen, zodat het met K tegen K terecht remise werd. 

SV Doetinchem 1 – DSG 1: 3½ - 2½

SV Doetinchem 1(1745) – DSG 1(1544): 3½ - 2½ 


Zonder Frank, Robbie en Fred, maar met, Albert, Bert en Chiel, dreigde, gezien het ratinggeweld dat die lui in Doetinchem bij thuiswedstrijden op de been weten te brengen, deze wedstrijd bepaald geen abc’tje te worden: een afgang lag in het verschiet. Vandaar dat ik, met enige tegenzin en in overleg met Patrick, koos voor een zogenoemde tactische opstelling. 
Voor de rest van het verhaal ga naar Externe Competitie - DSG in de SOS.

Makzym kampioen vluggeren 2022 – 2023

Elf strijders kwamen opdagen om elkaar het kampioenschap ‘vluggeren’ te betwisten. Opvallend was dat het bij de afwezigen nu net ging om onze beste vluggeraars: Frank, Robbie en Patrick. Dat bood kansen voor het voetvolk en daar maakte het gretig gebruik van. 

Ook viel op dat er de hele avond maar één partij in remise eindigde en verder waren er tal van onverwachte uitslagen te noteren. Zo won Gerard van Jan, Erik en Joop, Koert van Bert, Jan en Joop, won Joop van Makzym, Chiel van Jaap en won Erik van Jaap en Albert en Jan alleen van Erik.

Na 9 ronden had zich een klein kopgroepje gevormd, bestaande uit Albert en Makzym met ieder 7 punten, op de voet gevolgd door Chiel met 6 punten. Toen won Joop van Makzym, Albert van Koert, speelde Chiel remise tegen Paul en stond Albert dus bovenaan. 

Het toeval wilde echter dat het indelingsprogramma het zo had beschikt dat  in de laatste ronde Albert en Makzym elkaar zouden treffen. Hoewel Albert ‘Wit’ had, waarmee hij het liefste speelt, was hij toch niet opgewassen tegen de snel- en gewiekstheid van Makzym. Zo eindigden zij gebroederlijk op een gedeelde eerste plaats. Maar omdat in zo’n geval het onderlinge resultaat bepaalt wie de echte eerste is, werd Makzym de eerste kampioen van dit seizoen.

Gefeliciteerd, jongeman, en ga zo door!  

Voor alle uitslagen en de eindstand klik je hier.


DSG 1 – Mook 2: 4½ - 1½



Omdat ik de dag voor ik naar Frankrijk vertrok mijn laptop niet meer bleek te kunnen opladen en omdat ik daar ver genoeg van de bewoonde wereld woon om zo’n euvel niet te kunnen herstellen, kan ik me van deze wedstrijd nauwelijks iets herinneren.  Ik weet, behalve de uitslag, nog dat Mook zijn eerste twee bordspelers miste en wij de eerste drie – wat geen goede uitgangspositie leek, maar wij bleken over betere invallers te beschikken - ,  dat Jaap en ik al snel hadden gewonnen (maar geen idee meer hoe), maar wat er aan de andere borden gebeurd is geen idee, daarvoor had ik Netstand nodig.


Dit wordt dan ook geen wedstrijdverslag maar een mededeling van het feit dat deze wedstrijd gespeeld is en door ons is gewonnen. Dit schrijf ik dan ook niet zo zeer voor jullie, maar voor hen die na ons komen, zodat over 25 jaar iemand die een jubileumboekje wil samenstellen ter gelegenheid van ons 175jarig bestaan kan lezen: “Op maandag 3 oktober 2022 won DSG 1, ondanks afwezigheid van zijn drie topspelers, met 4½ - 1½ van Mook 2” en daar dan zo van onder de indruk kan raken dat ie daar in zijn boekje melding van maakt.

De resultaten:

Fred (1673)     – Rob Jansen (1615)                         ½ - ½

Jaap (1677)     – Hans v.d. Ende (1463)                   1 - 0

Chiel (1457)   – Byron Eekhout (1450)                   1 - 0

Bert (0 )          – Emile Laurant (1403)                     ½ - ½

Jan (1410)        – Twan Verhoffstad (1450)              1 - 0

Albert (1399)   – Leo Derks (1132)                           ½ - ½

Theothorne 1 – DSG 1: 3 - 3

Na een seizoen dat ons niet bracht wat we ons ervan hadden voorgesteld – met ons sterrenteam eindigden we in de middenmoot -, begonnen we vol goede moed aan het nieuwe.

De seizoenstart bracht ons naar Dieren en dat is natuurlijk een goed begin: een uitwedstrijd en toch maar zeven minuten rijden, aardige mensen, een goed voorziene bar en een team dat we zouden moeten kunnen hebben. We begonnen daar dus vol goede moed en terecht, want na anderhalf uur spelen stonden we al met 2 – 0 voor.


Jaap
(1677), met wit,  opende met f4 en dat kende zijn tegenstander (0) niet. Die dacht kennelijk ‘f4? Da’s verzwakking van de Koningsstelling’ en onverschrokken ging (0) met een Paard ten aanval, dat hij helemaal naar g3 wist te spelen en ook nog wist te dekken met een pion op h4. Intussen ontwikkelde Jaap zijn stukken en rolde hem op: 0 - 1.

Jan (1411), met zwart, trof een allervriendelijkste jongeman (0) die op de tiende zet nog een vorkje wist te ontwijken, maar vijf zetten later kon ik dat toch plaatsen, won een Paard en zes zetten later gaf de allervriendelijkste jongeman terecht op: 0 – 2.

Bij Fred (1674), met zwart,  werden alle stukken afgeruild tot er een handvol tegen elkaar aanblazende pionnen waren over gebleven en Fred nog een Paard had en zijn tegenstander (1589) een Loper. Beiden vonden dat de strijd hiermee wel gestreden was. ½ - 2½ derhalve.

Met nog drie partijen te gaan leek dit een veelbelovende tussenstand. Maar schijn kan bedriegen.

Patrick (1753), met zwart,  kwam tegen (1746) goed uit de opening, maar een iets te enthousiast opspelen van zijn h-pion kostte hem twee tempi, waarna hij niet meer lekker in het spel kwam. Een oprukkende vrijpion maakte hem het leven knap lastig en werd, ondanks taai verzet, uiteindelijk zijn ondergang. 1½ - 2½.

Bij Ben (1445), met wit, en zijn tegenstander (1642) ging het lang gelijk op, tot Ben de betere stelling leek te hebben. Toen bedacht hij twee plannen, dacht daar lang over na en koos toen het verkeerde. 2½ - 2½.

De partij van Frank (2104), met wit, moest dus de beslissing brengen. Als tegenstander trof hij de ons welbekende Vrouwenraets (1891). Die kwam met een onbekende, in de nis van een kelder onder het stof vandaan gehaalde variant van het frans op de proppen, waar Frank geen greep op kreeg. Er werd doorgepield tot beiden zowat door hun tijd heen waren, toen werd tot remise besloten.

En zo eindigde onze eerste wedstrijd in een 3 – 3 gelijkspel. Omdat we, zolang ik me dat kan herinneren, met ons eerste team de eerste competitiewedstrijd altijd hebben verloren, moeten we dit resultaat toch maar als  een opsteker beschouwen.


Programma najaar 2022



Wat we in de tweede helft van dit clubseizoen van plan zijn blijft nog even een verrassing. 

Maar wat er tot 31 december op het programma staat kun je zien als je  HIER klikt.

Patrick – DSG: 6 -5

Na twee weken van wuftheid, waarin het er vooral om ging weer gevoel voor de stukken en hun mogelijkheden te krijgen, en na een ALV die nu eenmaal moet, konden we afgelopen maandag dan eindelijk achter het bord gaan zitten voor een serieuze partij: simultaan tegen Patrick, de huidige clubkampioen. 

De opkomst was verheugend. Robbie, Bert en Maksym ontbraken, maar daar stond dan weer tegenover dat Frank er wel bij was en dat Erik na lange tijd van afwezigheid weer acte -de-présence gaf (en hoe, zoals je straks nog kan lezen als je hier niet afhaakt).

Patrick begon zoals we van hem hadden kunnen verwachten: rustig, een gedegen stelling opbouwend, de tijd nemend, zodat er om 22.00 uur pas één partij beslist was, die tegen Frank, die al snel afgelopen was. Dat begon zo: 1. e4, c5; 2. b4, cxb4. Daarna speelde Frank 3. .., d5 en twee zetten later kon hij een schaakje geven waarmee hij ook de Toren op a1 aanviel. Omdat Patrick er niet in slaagde die Dame op a1 in te sluiten, ging de winst naar Frank. (De complete partij vind je in onze database of door hier te klikken).

Erik, terug van een langdurig coronareces, kwam in een eindspel terecht waarin hij zowel als Patrick beiden twee pionnen hadden met promotiepotentie. In de strijd tussen een alpha en een bèta rekende  bèta, Erik dus, het best en promoveerde als eerste, wat vodoende was voor de winst.

Albert en Paul kwamen wat beter te staan en boden in die wat betere stand remise aan en zo hoort het. Remise bied je niet aan omdat je bang bent te verliezen, maar omdat je niet zo goed weet hoe je moet winnen.







Jaap ging voor Wild West en Patrick ging daarin mee. Dat leverde een boeiend gevecht op met dreigingen over en weer, wat me allemaal boven de pet ging en dat ik weer begreep toen Jaap een Dame had en Patrick niet.

Bij mij ging de strijd lange tijd gelijk op, totdat Patrick met een verkeerde pion afruilde. Dat leverde me een pion op en open lijnen voor de meeste van mijn stukken en even na twaalven was de winst binnen.

Zo haalde DSG vijf punten binnen, maar Patrick, die de overige partijen won, zes.

Al met al was de simultaan weer een aardig begin van het nieuwe seizoen en waren we blij dat we Patrick de gelegenheid konden geven om te bewijzen dat hij niet per ongeluk clubkampioen is geworden.

Uitslagen:

Gewonnen werd er door Frank, Erik, Jaap en Jan,

remise speelden Albert en Paul,

Chiel, Fred, Gerard, Joop en Koert verloren.