In Arnhem leed DSG 2 een pijnlijke nederlaag.
Adri en Gerard speelden remise en alleen Joop wist te winnen.
Hieronder een kort verslag van ronde 3 in de SOS-competitie.
Omdat mijn tegenstander al vanaf zet 4 in diep gepeins verzonk en dan een zet deed waarmee hij een stuk aanviel dat ik daardoor op een beter veld kon zetten, concludeerde ik dat ik het een goede strategie zijn om mijn stukken niet verder dan de derde rij te plaatsen en te zien wat ie zelf voor constructiefs kon bedenken. Die strategie werkte en ik bereikte een compleet gewonnen eindspel, al was mat nog ver weg. Maar met nog 10 sec, op de klok tegen 23 minuten voor mij, bleef tegenstander flitsend hopeloze zetten doen die ik maar moest noteren. Ik voelde me een flippende boekhouder die voor zijn examen steno was gezakt, Ik werd hier gek van. Ik gaf op.
Bord 2. Gerrie Arends - Adri Bressers: ½ - ½
In een Konings Indische partij speelde ik met zwart tegen een tegenstander, die elk avontuur uit de stelling wist te halen. Een saaie partij zonder grote fouten eindigde in een vastliggende pionnenstelling met alleen nog koningen. Potremise dus.
Lange tijd ging de strijd gelijk op. Door het dame gambiet begon de strijd zich vooral op de damevleugel te ontwikkelen. Zwart kon daar een vrijpion creëren. Maar toen werd zwart wat overmoedig en kwam met beide lopers mijn damevleugel binnenvallen. De lopers stonden niet gedekt en door aftrekschaak kreeg de partij een verrassende wending. Ik kwam materieel in het voordeel maar zwart (Jan) had een sterke vrijpion die gevaarlijk oprukte. De strijd ging lang duren. Iedereen was al uitgespeeld, maar met nog 1 minuut op de klok werden stukken dusdanig geslagen dat de stelling erg eenvoudig en overzichtelijk werd en zwart gaf op
Bord 4. Christaan Zevenbergen - Gerard Verstraete: ½ - ½
Gerard Verstraete (0) met zwart speelde op het vierde bord tegen Christiaan Zevenbergen (1596). Zwart verdedigde in de opening met de Caro-Kann. Wit (Christaan) maakte er de doorschuif variant van door e5 te spelen. Hierna ontwikkelde zwart zijn koningsvleugel niet goed. De toren en het paard stonden beiden geblokkeerd in de hoek van het bord. Dit gaf wit de mogelijkheid om een felle aanval uit te voeren op de koning. Deze aanval bracht echter geen doorbraak in het spel. Wit bood remise aan met als argument; “dit wordt mij te ingewikkeld”. Zwart (Gerard) accepteerde het aanbod.
Bord 5. Albert Lebbink – Ko Kooman: 0 - 1
Na een rustige start in mijn Londens opening kreeg ik de kans om de pion op h7 te slaan en daarna met Paard en Dame te vervolgen. Ik durfde niet en enkele zetten later durfde ik het nog niet. Even later deed ik het toch, maar het momentum was weg en toen Ko de loper niet sloeg, maar naar g8 ging blunderde ik en verloor een stuk voor 2 pionnen. Maar het ergste kwam, toen ik mijn Dame liet slaan. Ik gaf op. Ik had ’s middags nog wel een artikel gelezen over het belang van het vermijden van blunders in het schaakspel.
Bord 6. Yunus Yetkin - Herman de Munnik: 0 - 1 ( R)
Yunus was ziek en omdat ik geen vervanger kon vinden, was dit een reglementaire 0














































