Skyline

Skyline

25-04-2023

Jaap, de rapidkampioen 2023

 Wat ik toch wel een teleurstelling vind,  dat is als de te kloppen man niet te kloppen blijkt. Je denkt: ook een te kloppen man moet toch weleens een penning over het hoofd zien, met een achtergebleven pion zitten, in zetdwang komen, een Loper hebben die vaststaat achter zijn pionnenketen.  Maar dan ken je onze te kloppen man niet. Hij niet. Of misschien wel, maar zagen wij dat niet. En daarom was hij niet te kloppen. Hoogst onverkwikkelijk.

Na de vier ronden die op de eerste speelavond werden gespeeld, stond Jaap, want over hem heb ik het, dankzij overwinningen op Paul, Albert, Maksym en Koert, met een voorsprong van drie punten op Albert, fier en ongeslagen bovenaan. Zijn onorthodoxe openingsrepertoire leent zich uitstekend voor partijen met een korte duur waarin Jaap op bekend gebied speelt en zijn tegenstander het wiel moet uitvinden.

De tweede avond ging hij op dezelfde wijze verder. In de vijfde ronde versloeg hij Chiel. In de zesde leek het erop dat hij tegen mij zijn eerste punt zou verliezen, maar hier toonde Jaap zijn andere sterke kant nl het eindspel, waarin hij duidelijk gewiekster speelde dan ik. De zevende en laatste ronde was slechts een formaliteit, maar daarin toonde Jaap zijn eerzuchtige, op winst beluste kant en versloeg hij Paul voor de tweede maal.

Als je met 7 uit zeven eerste wordt, ben je niet alleen een niet te kloppen man, maar ook een waardig kampioen.

Gefeliciteerd, Jaap. 

03-04-2023

SMB2 – DSG1: 3 – 3

 


In de veronderstelling  dat de wedstrijd om 20.00 zou beginnen, waren wij onaangenaam verrast toen bij het betreden van de speelzaal bleek dat onze klokken al ruim een kwartier liepen. Dat de teamleider van de thuisploeg ons in een uitnodiging had moeten laten weten dat er op deze locatie om 19.30 wordt begonnen, werd geen argument gevonden en bovendien stond die eikel(1346) nog te liegen dat ie het wel had gedaan. De klokken werden dus niet teruggezet. Deze tegenstander diende dus vernietigend verslagen te worden, in het bijzonder (1346). Zo ging het dus niet.

Frank (2116) trof met Wit aan bord 1 Lucas de Jong (1670). Deze Lucas is heel slechtziend of blind en het spelen tegen tegenstanders met deze handicap is vanwege al het gedoe  dat dat met zich meebrengt geen pretje, zeker niet als ze ook nog behoorlijk kunnen schaken. Frank echter liet zich niet van de wijs brengen, bouwde rustig een solide stelling op, oefende wat druk uit op die van (1670), er leek voor de toeschouwende leek niet veel aan de hand, maar richting eindspel volgde er een afruil waarna Frank ineens een vrijpion bleek te hebben die beslissend werd.

Jaap (1671) moest het met Zwart opnemen tegen (1700) en hij had er weer zin in. Al gauw bereikte hij vanuit een ongebruikelijke opening een stelling zoals je die niet vaak tegenkomt in een reguliere schaakpartij, maar die een kolfje naar zijn is en voor de tegenstander niet. Die legde dan ook al snel het loodje.

Ben (1439) zag zich tegen (1615) al in de opening gedwongen om met zijn Koning richting midden van het bord op te rukken om daar een bedreigd stuk te dekken. Dat kon natuurlijk niet goed aflopen en dat liep het ook niet.

Bij mij (1441) en (1406) verdwenen in hoog tempo alle stukken van het bord, waarna de  pionnen in elkaar geschoven stonden en we allebei nog een Loper hadden die nutteloos achter dat pionnenhekwerk stond. Remise dus.

Albert (1416) begon, zoals hij dat wel vaker doet, met het Italiaans (e4, Pf3, Lc4) en na 15 zetten zag het er best veelbelovend uit. Toen kwam (1465) met een aantal Paardzetten, waarop Albert  niet goed reageerde. Vijf zetten later kon hij, bij een massale aanval op zijn Koningsvleugel geen kant meer uit en gaf dus op.

Joop (1394), die om 18.40 ruw van zijn avondeten werd weggehaald omdat Patrick op het laatste moment had afgezegd, speelde tegen (1346), ja, die dus, de partij van zijn leven en dreigde hem van het bord te vegen. Gedegen spelend, slim afruilend, gewiekst combinerend, bereikte hij een eindspel waarin hij een Toren meer had en glad gewonnen stond (+6,00 volgens Fritz). Maar toen begon de machine te haperen en in plaats van de genadeklap uit te delen, ging Joop de verdediging in en gaf hij (1346) de kans om met twee verbonden vrijpionnen op te rukken. Dat had nog slecht voor Joop kunnen aflopen, maar gelukkig accepteerde (1346) remise.

En zo werd het dus 3 -3.

 

                                                                                                          Jan

Jaap kampioen van periode 2.

Lang zag het er naar uit dat ik ook de tweede periode zou winnen. Maar in de negende ronde verloor ik van Paul en speelde Jaap remise tegen Patrick, waardoor hij mij tot op één punt naderde. De beslissing moest dus in ronde 10 vallen, want in ronde elf spelen we allebei een SOS-wedstrijd.  Jaap moest het daarin opnemen tegen Chiel, ik tegen Albert. Chiel deed niet wat ik hoopte en liet al snel zijn Dame pennen en ook Albert beantwoordde niet aan mijn verwachtingen en bood meer tegenstand dan ik hoopte, waardoor onze partij in remise eindigde.  En zo stoof Jaap op de valreep over mij heen en werd hij kampioen van periode twee. Dat dat niet ten onrechte is, blijkt uit het volgende overzichtje  

            Gesp.   Gew.    Rem.   Verl.    Perc.    TPR

Jaap        9           7         1          1          83    1764

Jan          9           6        2           1          78      1721

 

Gefeliciteerd Jaap!

Gevolg van deze uitkomst is dat er nu play-offs moeten worden gespeeld.

Albert, Jaap, Jan en Paul hebben zich hiervoor geplaatst.






17 april wordt ermee begonnen.

08-02-2023

DSG 1 (1682) – UVS 3 (1517): 5½ - ½

Nadat we vorige maand UVS2 al hadden verslagen, zij het nipt, lag het in de lijn der verwachting dat winst tegen UVS3 geen probleem zou moeten zijn. En dat was het niet. 

Frank(2116) en Patrick(1757) kwamen tegen resp. (1500) en (1540) al vanuit de opening in het voordeel, om daarna hun tegenstander te overspelen. 
Robbie(1731) was eigenlijk de enige die het moeilijk had. Hij kwam niet goed uit de opening en zocht zijn heil in Dame ruil. Zijn tegenstander(1588) ging daar niet op in en begon vervolgens foutjes te maken, waarna de kansen keerden. 
Jaap(1671) zat tegen (0) al in het middenspel zijn zetten uit te voeren met een snel- en verbetenheid alsof hij in hoge tijdnood zat en als hij zo bezig is dan weet je het wel: die voert winnende zetten uit. 
Bij Jan(1427) tegen (1468) ging het lang gelijk op totdat hij, Jan dus, met een, naar eigen zeggen briljant, paardoffer zijn tegenstander voor de keus stelde: Mat of Dameverlies. 
Joop(1391) speelde een degelijke partij, maar omdat zijn tegenstander(1491) dat ook deed, werd dat een terechte remise. En zo naderen we langzaam maar zeker de subtop in onze klasse.

31-01-2023

Snelschaken (2023)

Het staat er zo feitelijk en zo simpel: Patrick kampioen, maar zo simpel ging het dit keer niet; zonder de medewerking van een paar clubgenoten – het lijkt hier het Tatatoernooi wel-, zou het hem niet gelukt zijn. In de tweede ronde trof hij namelijk Jaap die toen nog fris en helder in het hoofd was en daarvan verloor hij. Sensatie dus. Patrick geen kampioen bij het snelschaken? Dat zou voor het eerst sinds lang zijn! Maar in de vierde ronde kreeg hij hulp van Paul die Jaap versloeg. In de vijfde en zesde ronde wonnen zowel Jaap als Patrick hun partijen en omdat bij gelijk eindigen het onderlinge resultaat zou beslissen, leek een verrassende ontknoping zeer denkbaar. En zoals dat gaat met denken:. het gaat altijd  anders dan je denkt. In de zevende ronde trof Jaap Albert en dat leek vooraf een makkie, maar soms krijgt Albert het ineens op zijn heupen en de smaak te pakken en dan is het kwaad kersen eten met hem. Zo ook nu. Met nog één ronde te gaan stond Patrick nu met één punt meer dan Jaap aan de leiding. Die voorsprong gaf hij niet meer uit handen en met een score van 7 uit 8 werd hij een terechte kampioen.
Gefeliciteerd, Patrick

Snelschaak - 10 min.p.p.p.p.

Voor de uitslagen ga naar:

Interne competitie - Verslag snelschaak

of KLIK HIER

13-01-2023

USV 2 (1630) – DSG (1645) : 2½ - 3½

Verheugend was het feit dat Patrick weer van de partij was, want zie, dat maakte meteen het verschil: in plaats van, zoals de laatste wedstrijden gebruikelijk was, met 2½ - 3½ te verliezen, wonnen wij nu met deze cijfers. Dat ging zo.

Patrick (1751) trof aan bord 1, vanwege een tactische opstelling van de tegenpartij, (1552) en wist daar wel raad mee. Al in de opening won hij een paar tempo’s, wat later een stuk en daarna al snel de partij.

Chiel (1477) had aan bord 4 geen fijne avond. ‘Ik kwam nog wel redelijk uit de opening, maar daarna bleek mijn tegenstander (1609) tactisch te sterk en kwam ik er niet meert aan te pas. Hij kwam steeds beter te staan en haalde steeds meer materiaal op.

Ook Jaap (1707) aan bord 3 wist zich wel fijnere avonden te herinneren. Zijn 1.f4 werd  door (1689) beantwoord met e5, waarna Jaap meteen uit zijn repertoire was. Ook in het verdere verloop van de partij bleek (1689) van wanten te weten en liet hij zien wat het risico is van een aanval over beide flanken: dat je tegenstander door het centrum heen snijdt. Dat deed ie zeer gewiekst en zo stonden we halverwege met 2 – 1 achter. Dat was niet de bedoeling. Gelukkig bleken we aan bord 5 over een geheim wapen te beschikken, nl.:

Albert (1398): Ik opende met e4 en mijn tegenstander (1573) reageerde met de Franse verdediging.Ik ging iets te snel naar voren op de damevleugel en kwam op mijn koningsvleugel erg gedrongen te staan met veel stukken op een klein stukje speelveld. Stockfisch gaf mijn tegenstander steeds een behoorlijke plus.Gelukkig miste hij enkele goede vervolgzetten en kon ik via een loperaanval op zijn stelling, waarop hij vreemd reageerde, een Loper slaan met mijn Dame.Dat was het keerpunt in de partij.Ik had belang bij het afruilen van stukken en hij ging daarin mee, zodat ik uiteindelijk met 2 pionnen méér het eindspel inging. Dat was te veel voor hem en toen er een matdreiging volgde, die hij niet meer kon opheffen zonder verlies van zijn Toren, gaf hij op.

Jan (1423): Mijn tegenstander (1528) opende met 1.Pf3. Normaal beantwoord ik dat met Pf6, maar omdat dat bij mij altijd tot vervelende friemelpartijen leidt, koos ik voor 1…, d5. Algauw bleek dit ook nergens toe te leiden: geen aanknopingspunten, geen plan, noch bij mij, noch bij mijn tegenstander. Omdat Frank desgevraagd aangaf dat ie zou gaan winnen, had ik aan remise voldoende voor onze overwinning.Dat werd het toen wij drie keer dezelfde stelling op het bord kregen.

Frank (2112) bleek terecht achter bord 2 te zijn geplaatst, want daar kon hij het opnemen tegen hun sterkste man: (1829). Vanuit een Siciliaan bouwde Frank in alle rust een gedegen stelling op en voerde  geleidelijk de druk op. Dat leidde tot een eindspel waarin hij het zich kon permitteren stuk winst te versmaden, omdat hij, ook weer in alle rust, de twee pionnen kon opruimen die hem verhinderde met een vrijpion naar zijn promotieveld door te lopen.

Voor de stand KLIK HIER

28-12-2022

De Agenda


De voorspellingen voor wat er ons het komende jaar te wachten staat, zijn niet onverdeeld gunstig. 
Gelukkig is daar het programma voor de tweede helft van dit schaakseizoen, dat zekerheid en het vooruitzicht op zo’n twintig genoeglijke speelavonden biedt. 

Kijk maar, klik maar.

27-12-2022

Seven-to-seven.

De Toren (1127) – DSG (1058): 3½ - 3½


Afgelopen maandag (19/12/2022) trokken we met z’n zevenen naar Arnhem om daar op plezierige wijze het schaakjaar af te ronden en iets op te bouwen wat misschien een traditie kan worden. De bedoeling was weliswaar dat we er met tien man naartoe zouden gaan, maar dat zat er helaas niet in. 
De zaterdag voor de bewuste datum leek het er nog op dat ik negen medestrijders had gevonden, maar zowel op zondag als op maandagmorgen meldde er één zich af, zodat ik ‘s middags bij het boodschappen doen bij AH mezelf erop betrapte dat ik het foute aftelkinderliedje van de tien kleine negertjes liep te neuriën tot ik bij zeven was en niet verder durfde gaan. Maar de zeven die overbleven wisten waar ze voor stonden: de eer van Doesburg, de trots van de één na oudste club van Nederland. Vastberaden namen ze dan ook plaats achter de borden. Ze zouden nog raar opkijken, die mannen van De Toren. Hoe het in werkelijkheid ging, lees je hier. (Of ga naar Evenementen - Evenementen en activiteiten)

17-12-2022

Ik: kampioen van periode 1 - seizoen 22/23

Deze eerste periode van het seizoen 2022/2023 was een wat rommelige periode. Wat daaraan vooral opvalt, is dat ieder van de leden van het trio waaruit normaliter de periodekampioenen voortkomen eigen redenen had om veel clubavonden niet aanwezig te zijn. Vooral tegen het einde van de periode maakte dat het indelen er niet makkelijker op. En zoals dat gaat als de katten van huis zijn: de muizen vierden feest.

Dat doet overigens niets af aan de prestaties van Albert en Maksym, die respectievelijk als derde en als vijfde eindigde, en ook niet aan die van Erik, die zijn rentrée vierde met een winst van 28 ratingpunten en daarmee de grootste stijger werd.

Dat ik periodekampioen geworden ben, heb ik dan ook vooral te danken aan degenen die meestal afwezig waren, niet aan mijn eigen spel. Teveel partijen met winstkansen liet ik in remise uitmonden, een potremisepartij wist ik te verknallen. Er is dan ook nog nooit iemand  periodekampioen geworden die zo’n laag percentage haalde en zo weinig punten bij elkaar wist te sprokkelen als ik: 114,7 punten, 64%. Wat me trouwens ook geen windeieren opleverde, waren de punten die mij toevielen als waardering voor mijn trouwe opkomst bij SOS-wedstrijden.

En zo werd ik dus, met moed, beleid en trouw, kampioen, weliswaar van de middelmaat, maar toch, kampioen.

Ik feliciteer mijzelf dus van harte.

Jan

09-12-2022

DSG 1 – De Toren 1: 2 – 4


Dit keer waren Frank en Robbie wel van de partij, maar Patrick en Fred niet; je kunt wel dromen van de ideale opstelling, maar tussen droom en werkelijkheid 
staan bijna altijd obstakeltjes die van de droom een nachtmerrie maken. Omdat ik had geconstateerd dat de mannen uit Arnhem meestal in een tactische opstelling verschijnen, had ik daar ook maar voor gekozen. Toen voor aanvang van de wedstrijd de opstellingen werden uitgewisseld, leek het erop dat ik goed had gegokt, maar de praktijk pakte anders uit. Dat kwam zo:

Chiel (1469) slaagde er niet in zijn huzarenstukje van de vorige wedstrijd – bijna winst tegen 1851- te herhalen. Dit keer moest hij het met Zwart opnemen tegen (1814) die met frisse moed van start ging. Chiel verdedigde zich taai, vond zelf dat het wel goed ging, maar rond de dertigste zet werd zijn ruimtegebrek hem noodlottig. (1814) had een combinatie met Loper, Paard en Dame die hem niet alleen een Paard zou kosten, maar ook mat onafwendbaar maakte.

Jaap (1694) had zijn avond niet. Hij opende zoals gebruikelijk met f4, maar al bij de vierde zet van Zwart moest hij constateren dat zijn tegenstander (0) wist waar het bij deze opening om draait. Hij, (0) dus), bouwde een stevige stelling op en maakte en passant twee pionnen buit. Daar bleek geen kruid tegen gewassen en na drie zeges op rij vond Jaap hier zijn Waterloo.

Robbie (1750) wist met Wit via een zeer fraaie combinatie, een torenoffer waarop zijn tegenstander (1564) terecht niet inging, een pion te winnen en kreeg een mooie stelling. Toen deed ie een domme zet, waardoor hij zijn pion weer kon inleveren. Dat zou nog niet zo’n ramp zijn geweest – de stelling zag er nu remise-achtig uit – als Robbie een paar zetten later niet de rampzaligste zet uit zijn 40jarig schakersleven had gedaan: terwijl (1564) een Dame op a5 had staan, gaf hij met zíjn Dame schaak op c7!!  Dame weg, partij weg, Robbie weg.

Frank (2111) mocht met Zwart de strijd aanbinden tegen (2080). Het werd een Open Siciliaan waarin (2080) al snel g3 speelde en Frank meteen uit het boek was.

 (2080) trok snel van leer, rukte op met g4,g5,, f4, f5 en f6, deed nog een Paard in de aanbieding, maar daarop ging Frank wijselijk niet in. Naarstig ging hij op zoek naar tegenspel, maar veel verder dan verdedigen kwam hij niet. Uiteindelijk wist hij aan de druk te ontkomen en kreeg hij een beetje tegenspel, maar een jofele stelling was het niet. Toen zijn tegenstander remise aanbood, kon Frank dat niet weigeren.

Albert (1391) trof met Wit René Reulink  (1339) en deelt ons mede: Met wit kon ik mijn favoriete Italiaanse opening spelen. Het ging niet helemaal naar wens, hoewel ik een behoorlijke dreiging op de F-lijn had. Op zet 26 ging ik iets te vlug in de aanval en op de  32e  zet moest ik een toren  voor een loper opgeven. Ik kreeg even later wel 2 vrijpionnen op de C-  en de D-lijn, die bijna tot de achterste lijn kwamen.   Maar het leverde me enkel  een toren voor een loper op.Ik stond nog steeds wel  met 2 pionnen achter  (4 tegen 6 pionnen).   Ik kon de torens afruilen en met een paard tegen een loper bleek toch de kracht van een paard tegen een  loper, die mijn pionnen op zwart niet kon aanvallen. Ik kon al zijn pionnen en zelfs de loper opruimen en had uiteindelijk nog een paard en een pion, die zou gaan promoveren.

 Jan (1424): e4 beantwoordde ik met het Scandinavisch, maar dat leverde me weinig voordeel op; mijn tegenstander (1425) doorzag mijn plannetjes en ik de zijne. Zo ging het gelijk op en was het pot remise. Maar met mijn 39ste zet speelde ik, om wat pionnen op te ruimen op mijn Koningsvleugel, een verkeerde pion op en dat had fataal kunnen aflopen als (1425) met de goeie pion had ingeslagen, maar gelukkig koos  hij de verkeerde. Nu eindigde de strijd in een wederzijdse pionnenrace, waarbij ik net één zet eerder was. Dat gaf mij de mogelijkheid zijn laatste pion te slaan, waarna ik ook nog de Dames kon ruilen, zodat het met K tegen K terecht remise werd.